De energietransitie in Europa heeft opnieuw een belangrijke mijlpaal bereikt. In juni was zonne-energie voor het eerst verantwoordelijk voor 25% van de totale elektriciteitsproductie binnen de Europese Unie. Daarmee is zonne-energie uitgegroeid tot de grootste bron van elektriciteit in die maand, vóór kernenergie, windenergie en fossiele brandstoffen.
Volgens cijfers van energiedenktank Ember produceerden de EU-landen in juni gezamenlijk ongeveer 52 terawattuur (TWh) aan zonnestroom, een nieuw record. Niet alleen zorgde het zonnige weer voor een hogere opbrengst, ook de sterke groei van het aantal geïnstalleerde zonnepanelen speelde een belangrijke rol.
In de afgelopen jaren is de zonnecapaciteit in Europa flink uitgebreid. Alleen al in 2025 werd ruim 65 gigawatt aan nieuwe zonne-installaties toegevoegd. Hierdoor kunnen steeds meer huishoudens en bedrijven hun eigen duurzame elektriciteit opwekken en neemt de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen verder af.
De groei van zonne-energie is zichtbaar in vrijwel heel Europa. Maar liefst achttien EU-landen noteerden dit jaar een recordaandeel zonne-energie in hun elektriciteitsmix.
Een paar mooie voorbeelden:
Spanje haalde in juni voor het eerst ongeveer 34% van zijn elektriciteit uit zonne-energie.
Duitsland kwam in diezelfde maand uit op ongeveer 36%.
Deze cijfers laten zien dat de energietransitie zich niet beperkt tot landen met veel zonuren. Ook in Noord- en Midden-Europa groeit zonne-energie in hoog tempo.
De opmars van zonne-energie gaat hand in hand met een dalend aandeel van fossiele brandstoffen. Met name steenkool speelt een steeds kleinere rol in de Europese elektriciteitsvoorziening. Dat is niet alleen gunstig voor de CO₂-uitstoot, maar maakt Europa ook minder afhankelijk van geïmporteerde fossiele brandstoffen en de prijsschommelingen die daarbij horen.
Tegelijkertijd blijft de energietransitie uitdagingen kennen. Zonnepanelen leveren vooral overdag veel elektriciteit, waardoor investeringen in energieopslag, een slimmer elektriciteitsnet en flexibiliteit steeds belangrijker worden om vraag en aanbod goed op elkaar af te stemmen.
Dat zonne-energie inmiddels goed is voor een kwart van de Europese elektriciteitsproductie in juni is een historisch moment. Het laat zien dat de energietransitie in een stroomversnelling zit en dat duurzame energie steeds vaker de ruggengraat vormt van de Europese elektriciteitsvoorziening.
De komende jaren zullen verdere investeringen in zonne-energie, energieopslag en een flexibel elektriciteitsnet ervoor zorgen dat duurzame energie een nog grotere rol kan spelen. Daarmee zet Europa opnieuw een belangrijke stap richting een betaalbaar, betrouwbaar en toekomstbestendig energiesysteem.